![]() |
|
![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Uitnodigingsbrief discussieavond ‘Andere Tijden’ op 8 maart 2012
Beste ouders, Zoals in de nieuwsbrieven reeds is aangekondigd organiseert de werkgroep Andere Tijden op 8 maart een discussieavond, als vervolg op de informatieavond van 29 september en de vragen en reacties van ouders op schooltijden@bosenvaart. Waarom was er ook al weer een werkgroep Andere Tijden? De openbare basisscholen die onder de stichting Spaarnesant vallen, hebben - net als vele andere scholen in Nederland - het voornemen een verandering van schooltijden in te voeren. De vrije middag op woensdag en voor de onderbouw op vrijdag zullen daarmee vanaf schooljaar 2013/2014 gaan verdwijnen. Daarvoor in de plaats komen vijf gelijke schooldagen. De nieuwe schooltijden gelden gelijkelijk voor groep 1 tot en met groep 8. De overstap naar vijf gelijke schooldagen komt voort uit een bredere verandering van de tijden in de samenleving. Zo werken in toenemende mate beide ouders of heeft de verzorgende ouder een werkkring naast zorgtaken. Daarnaast zijn voorzieningen voor vrije tijd zoals kinderopvang, sportaanbieders, welzijnsorganisaties, culturele instellingen en zorgverleners gebaat bij vijf gelijke schooldagen omdat zij dan hun aanbod beter op de wensen van ouders en kinderen kunnen afstemmen. Naast de argumenten van tijd zijn er pedagogisch-didactische voordelen. Uit evaluatie van scholen die al met gelijke schooldagen werken, komen de volgende voordelen naar voren:
Een besluit over de invoering van andere schooltijden moet zorgvuldig worden genomen. Daarom heeft de Bos en Vaart een werkgroep ‘Andere tijden’ geformeerd. De werkgroep heeft o.a. tot taak de mening van de ouders over de voorgenomen verandering te peilen. De discussieavond van 8 maart biedt ouders en leerkrachten de gelegenheid om met elkaar van gedachten te wisselen over de voor- en nadelen van de invoering van andere tijden. De opzet van de avond is als volgt:
De discussieavond is met name van belang voor ouders van kinderen die in schooljaar 2013/2014 en later nog op school zitten. De avond vindt plaats op locatie Vaart en begint om 20.15 uur. Onderaan deze brief treft u een strookje aan waarmee u kunt aangeven of u bij de discussieavond aanwezig zult zijn. Tevens kunt u aangeven over welk thema (bijvoorbeeld de pedagogische gevolgen voor de kinderen, de consequenties t.a.v. de kinderopvang en vrije tijdsvoorzieningen etc.) u verder van gedachten wilt wisselen. Wij stellen het op prijs als u het strookje tijdig, maar uiterlijk maandag 20 februari inlevert. Met vriendelijke groet, Werkgroep ‘Andere Tijden’ obs Bos en Vaart ( klik H I E R voor deze brief in 'pdf'-formaat ) ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Naam: ………………………………………………………………………… ouder van ………………………………………… groep: ………………… komt op de discussieavond ‘Andere Tijden’ van donderdag 8 maart 2012. Ik zou graag met name over ………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………van gedachten willen wisselen. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- terug naar het begin van 'Andere Tijden' |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Antwoorden op vragen van ouders n.a.v. Andere Tijden Inleiding Andere schooltijden is een actueel onderwerp op de scholen in Nederland. Decennia lang is er met de schooltijden relatief weinig gebeurd. De laatste jaren zie je het een en ander veranderen. Scholen en besturen van scholen stappen over naar een ander schooltijdenmodel. De discussie is in een stroomversnelling geraakt. De veranderingen in de maatschappij liggen hier natuurlijk aan ten grondslag. Obs Bos en Vaart valt onder het bestuur van de Stichting Spaarnesant. Het bestuur en de directeuren van de scholen van Spaarnesant hebben het initiatief genomen om met elkaar te onderzoeken of de tijd rijp is voor het model van vijf gelijke schooldagen. Deze overstap zou dan plaats moeten vinden m.i.v. het schooljaar 2013 – 2014. Het is aan de medezeggenschapsraden van de afzonderlijke scholen of er overgestapt gaat worden naar dit model. Alvorens de medezeggenschapsraad hier een bestuit over neemt, zullen de ouders worden geraadpleegd. Vragen en antwoorden Welke veranderingen in de maatschappij zijn er dat deze verandering nu wordt ingevoerd? Belangrijke veranderingen in de maatschappij zijn de groeiende vraag naar (goed opgeleide) werknemers en dreigende tekorten op de arbeidsmarkt, toename van het aantal eenoudergezinnen en tweeverdieners, die werk en zorg moeten combineren, vrouwenemancipatie die gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen nastreeft met als uiting o.a. economische zelfstandigheid van de vrouw en het besef dat de traditionele indeling van de schooldag berust op historische gegevens, die niet noodzakelijk overeenkomen met de wensen en behoeften van kinderen en ouders in deze tijd. Er is door deze factoren een breed maatschappelijk debat op gang gekomen, die de traditionele dagindeling en rolverdeling tussen gezin, school en instellingen voor vrije tijd ter discussie stelt. Het debat is in 2006 in een stroomversnelling gekomen, omdat in dat jaar de regelgeving rondom schooltijden is aangepast. Scholen kregen toen meer ruimte om zelf de onderwijstijd in te delen. Invoering van andere tijden neemt vanaf dat moment van jaar tot jaar steeds sneller toe. Wat zijn de voordelen voor het bestuur (de Stichting Spaarnesant) en de school om over te gaan op het model? Gezien vanuit het perspectief van het bestuur en de directeuren spreken de volgende voordelen hen aan: Meer rust en regelmaat voor de kinderen. De maatschappij verandert en de scholen moeten hierop inspelen. De ervaringen van andere scholen en besturen zijn positief. Het model vijf gelijke schooldagen is financieel aantrekkelijker in vergelijking met het huidige traditionele schooltijdenmodel. Wat zijn de financiële voordelen voor de Stichting Spaarnesant? Wanneer de Stichting onverkort de huidige formatieregeling zou blijven uitvoeren, gaat men vanwege door het rijk opgelegde bezuinigingen ieder schooljaar interen op het eigen vermogen. Dit wordt – voor wat de lestijden betreft – veroorzaakt door het feit dat de scholen door het rijk bekostigd worden om gemiddeld minimaal 940 uur les per schooljaar te geven gedurende de 8 schooljaren. Spaarnesant echter stelt de scholen in de gelegenheid om 970 uur gemiddeld les te geven (1010 uur bovenbouw en 930 uur onderbouw). De Stichting is door de bezuinigingen van de kant van het rijk genoodzaakt om dit dichter bij de 940 norm te brengen namelijk 950 uur gemiddeld per jaar. De komende bezuinigingen kunnen dan worden opgevangen zonder de financiële positie van de Stichting geweld aan te doen, door jaarlijks in te teren op de weerstandsreserve. De ingreep is ook noodzakelijk omdat het onderwijs daarnaast te maken krijgt met de ingrijpende bezuinigingskeuzes van het huidige kabinet ten aanzien van passend onderwijs en de omstandigheid dat er gemeentelijke middelen, die tot 1-1-2013 beschikbaar zijn voor de bovenschoolse organisatie, voor de Stichting komen te vervallen. Dit zal een financieel offer vergen van zowel de bovenschoolse organisatie, als de scholen. De marges om dit op een andere manier op te vangen zijn nagenoeg niet meer aanwezig. Om alles in de toekomst te kunnen bekostigen moeten de scholen daarom van de Stichting Spaarnesant 2 % bezuinigen op hun uitgaven voor personeel. Een belangrijk uitgangspunt voor de scholen is dat bezuinigen geen negatief effect mag hebben op het primaire proces. De kinderen, onze leerlingen, mogen hier niet de dupe van worden. De scholen kiezen er bijvoorbeeld niet voor de grootte van de groepen te verhogen. O.a. het vijf gelijke dagen model maakt deze teruggang in uren structureel mogelijk. Spaarnesant ziet dit als een vorm van efficiënt omgaan met financiële middelen zonder dat dit nadelige gevolgen heeft voor het primaire proces in de klassen. Welke modellen van schooltijden bestaan er? Naast het traditionele schooltijdenmodel zijn er landelijk inmiddels drie basismodellen ontwikkeld voor andere schooltijden in het basisonderwijs. Hieronder kort de karakteristieken van elk model: Vijf gelijke schooldagen: Vijf identieke schooldagen, van bijvoorbeeld 8 tot 14.15 uur of van 8.30 tot 14.45 uur
Het leren volgt het bioritme van de kinderen, het onderwijs maakt gebruik van de momenten van maximale alertheid (10 - 12 uur voor leren en presteren en 14.30 - 16.30 voor repeteren)
Waarom is er door de Stichting Spaarnesant voorgesorteerd op het vijf gelijke dagen model? Een overgang naar het model van vijf gelijke schooldagen is minder ingrijpend voor gezinnen en scholen dan de overgang naar het bioritme-model of het 7 tot 7-model. Het aantal scholen dat werkt met deze laatste modellen staat niet in verhouding tot het steeds sneller groeiende aantal scholen dat werkt met het vijf gelijke schooldagen model. De Stichting Spaarnesant wil graag met zoveel mogelijk scholen overstappen om sterker te staan in de onderhandelingen en gesprekken met de naschoolse opvang en de diverse verenigingen. Een overgang van een traditioneel schooltijdenmodel naar een vijf gelijke schooldagenmodel ziet het bestuur als realistisch en haalbaar. Gaat de werkgroep ervaringen uitwisselen met scholen die het model al hebben ingevoerd? De werkgroep kent scholen die het model al hebben ingevoerd en sluit mogelijke werkbezoeken niet uit. Liever echter dan af te gaan op de indrukken van enkele willekeurige scholen, kijkt de werkgroep naar de ervaringen die door de landelijke projectgroep Andere Tijden worden verzameld. (De werkgroep heeft hier actief contact mee). Daaruit blijkt dat er op een totaal van bijna 7000 basisscholen inmiddels ongeveer 20% met andere tijden bezig is. Uit onderzoek van Oberon van voorjaar 2011 blijkt dat deze scholen nauwelijks knelpunten bij de overgang naar andere tijden rapporteren. De enkele knelpunten die worden genoemd, liggen in de sfeer van weerstand bij het eigen personeel. Specifiek worden in dit verband CAO-bepalingen met betrekking tot werktijden genoemd. Daar staat tegenover dat invoering volgens de scholen vooral meer rust en regelmaat in de dag oplevert. Er blijken ook mogelijkheden om de lestijd effectiever te besteden. Invoering levert volgens een deel van de scholen winst op voor de leerkrachten, voor de organisatie en de invulling van de buitenschoolse opvang. Ook tevreden ouders en verbetering van de veiligheid worden genoemd. Wat is het standpunt / de positie van de MZR? De MZR heeft geen vooropgezet standpunt. De MZR organiseert een proces van meningsvorming. Hiertoe behoren het organiseren van een informatieavond, beantwoorden van vragen van ouders op de site, een discussieavond en een ouderraadpleging. Op basis daarvan bepaalt de MZR haar standpunt, waarbij tevens rekening wordt gehouden met eerdergenoemde maatschappelijke factoren. Zowel de voorzitter van de MZR als de voorzitter van de werkgroep Andere tijden hebben geen belang bij andere tijden, omdat bij mogelijke invoering ervan hun kinderen reeds de Bos en Vaart school zullen hebben verlaten. Wat zijn de voor- en nadelen voor de kinderen? In juni 2009 is door een expertmeeting “Pedagogische kwaliteit en school-, opvangtijden en vrije tijd” vastgesteld, dat er weinig wetenschappelijke onderbouwing voor het overstappen op andere tijden beschikbaar was. De werkgroep heeft toen onderzoeksvragen geformuleerd en aan het ministerie van OC&W gevraagd hierop actie te ondernemen. Het ministerie heeft daarop twee onderzoeksopdrachten verstrekt. Het eerste onderzoek betrof een wetenschappelijke studie naar de situatie in Nederland, België (Vlaanderen), Frankrijk, Engeland, Zweden, Noorwegen en de Verenigde Staten. De onderzoeksperiode had betrekking op de jaren vanaf 1990. Het accent in het onderzoek lag op evaluatieve studies waarin op wetenschappelijke wijze en volgens gangbare methodologische standaarden effecten van variaties in tijden zijn bepaald. Het resultaat is een systematisch overzicht van wat uit wetenschappelijk onderzoek tot nu toe bekend is. Er is daarmee wat meer zicht op de effecten van de variatie in de besteding van tijd aan onderwijs, opvang en vrije tijd op de verschillende betrokkenen. Het tweede onderzoek wordt door Regioplan verricht. Zij hebben de opdracht te kijken naar de effecten van gelijke dagen. Naast deze studies kan ook het onderzoek van Oberon van maart 2011 worden genoemd. Uit dit onderzoek blijkt dat het belangrijkste motief voor scholen om over te stappen op andere tijden het belang van het kind is. De ervaringen met genoemde onderzoeken wijzen uit dat hard wetenschappelijk bewijs lastig is te verkrijgen. Hiervoor zijn de verschillen tussen de landen, de toegepaste modellen en de variaties binnen de modellen op verschillende scholen te groot. Het meeste onderzoek komt bovendien uit de Verenigde Staten, waar andere tijden vaak om heel andere redenen zijn ingevoerd. De Nederlandse onderzoeken brengen vooral de ervaringen en belevingen van leerkrachten, ouders en kinderen in kaart. Tegenover het gebrek aan wetenschappelijke onderbouwing van andere tijden staat dat ook het huidige dagritme niet op wetenschappelijke inzichten is gebaseerd. De huidige dagindeling is historisch gegroeid, terwijl de maatschappij inmiddels drastisch is gewijzigd. Naar verwachting zal onderzoek naar effecten van verschillende tijden in de toekomst worden geïntensiveerd. Wat zijn de voor- en nadelen voor de docenten? De leerkrachten denken hierover zeer verschillend. Er zijn, net als bij de ouders, mensen die dit model meteen omarmen en er zijn ook mensen die het helemaal niet zien zitten. Er leven veel vragen. Die vragen gaan over de belangen voor het kind, over rust en regelmaat en over de eigen rechtspositie. Dit laatste ten aanzien van de compensatiedagen, de lunchpauze en de eigen werktijdfactor. Vanuit de Personeelsgeleding van de Medezeggenschapsraad is aan de Algemene Directie van Spaarnesant gevraagd om deskundigen in te schakelen voor een informatiebijeenkomst. Zijn de effecten voor jonge kinderen anders dan voor oudere kinderen? Omdat het voor de hechting van jonge kinderen goed is om nog veel tijd thuis - dichtbij hun ouder(s) - te zijn, is het aantal verplichte schooluren van kleuters traditioneel lager dan van oudere kinderen. Deelname aan groepsopvoeding is voor hen bovendien vermoeiend, omdat veel prikkels voor hen nieuw zijn. Zij kunnen er nog niet selectief mee omgaan. Toch brengt een grote groep kinderen al op jonge leeftijd veel tijd buiten het ouderlijk huis door. Veel van die situaties worden thans gekenmerkt door veel wisselende momenten, veel verschillende gezichten en niet altijd inzet van voldoende geschoold personeel. Volgens Jeanette Doornenbal, Lector Integraal Jeugdbeleid aan de Hanzehogeschool in Groningen, is op de vraag hoeveel uren per dag jonge kinderen verplicht in een groep kunnen doorbrengen, geen sluitend wetenschappelijk antwoord mogelijk. Een stabiel dagritme en vaste pedagogische medewerkers die rust, veiligheid en persoonlijke aandacht kunnen geven lijken daarbij belangrijker dan de hoeveelheid tijd die kinderen buitenshuis doorbrengen. De tijd die jonge kinderen in een groep kunnen doorbrengen hangt aldus samen met een veelheid van factoren. Is er een goede afwisseling tussen opvang, opvoeding, onderwijs, ontwikkeling en niet te vergeten ontspanning? Daarnaast zijn algemene ‘wat-werkt-principes’ van belang zoals respect, vertrouwen en continuïteit, aandachtig zijn, positieve feedback geven en voldoende aansluiting bij de belevingswereld en leefwereld van het kind. Dat het vijf gelijke schooldagen model een extra belasting betekent voor het jonge kind, wordt door de scholen die reeds werken met dit model niet gerapporteerd. Wordt er gevraagd naar de mening van de kinderen? Het is lastig om kinderen vooraf naar hun mening te vragen, omdat zij geen ervaring hebben met een andere tijdsindeling. Zij kunnen de opties niet vergelijken. Als de vraag aan de kinderen zou worden voorgelegd, is het onduidelijk wat er met de uitkomsten moet worden gedaan. Andere tijden zijn een resultante van behoeften van de maatschappij, wensen van ouders/kinderen, pedagogische inzichten, organisatorische en financiële mogelijkheden etc. Alleen afgaan op de behoeften is een te smalle basis. Belangrijk is wel om, als invoering wordt overwogen, vooral in de beginfase regelmatig met alle betrokkenen – en dus ook de kinderen – te evalueren hoe een en ander loopt, welke knelpunten men ervaart en daar dan ook iets aan te doen. Wat is de verandering in het aantal lesuren per week? In het huidige model hebben de kinderen uit de onderbouw 23,75 lesuren per week. De kinderen uit de bovenbouw volgen 25,75 lesuren per week. In het nieuwe model hebben alle groepen een week van 25 lesuren. Voor de kinderen uit de onderbouw betekent dit dus dat ze 1,25 uur langer naar school gaan . Voor de bovenbouw betekent dit dus dat ze 0,75 uur korter naar school gaan. Wat is het effect van een langere schooldag (woensdag en vrijdag) op de kinderen van de onderbouw? Er is geen wetenschappelijk onderzoek verricht naar het effect van de langere schooldag op woensdag en vrijdag voor kinderen uit de onderbouw. Het effect hiervan is ook lastig te vergelijken met ervaringen uit het huidige model, daar de rest van de schooldagen korter zal worden dan in het huidige model. (zie ook het antwoord op de vraag ‘Zijn de effecten voor jonge kinderen anders dan voor oudere kinderen?’) Is er differentiatie in schooltijden mogelijk tussen onder- en bovenbouw? In theorie zou dit mogelijk zijn, maar veel voordelen van het vijf gelijke dagen model komen op dat moment te vervallen. Wanneer we op Bos en Vaart besluiten over te stappen op dit model streven wij naar gelijke schooltijden voor alle leerlingen (afgezien van een verschil in begin- en eindtijden vanwege twee verschillende locaties). Hoe zit het met de aansluiting op het voortgezet onderwijs? De aansluiting op het voortgezet onderwijs speelt nauwelijks een rol bij de discussie over andere tijden in het primair onderwijs. Een mogelijke reden is dat ook nu voor kinderen en ouders de overgang naar het voortgezet onderwijs groot is met aspecten als andere schooltijden, nieuwe vriendjes en vriendinnetjes, wisselende leerkrachten, meerdere onderwijsvormen, groter beroep op zelfstandigheid, meer huiswerk, etc. Invoering van andere tijden sluit daar mogelijk zelfs beter op aan dan de traditionele tijden in het primair onderwijs. Is het wegvallen van de woensdagmiddag geen bezwaar? Het wegvallen van de woensdagmiddag wordt met name als bezwaar genoemd, omdat er op deze wijze geen rustmoment meer is in de week. Daar staat tegenover dat de schooldagen straks korter zijn en er dus meer rustmomenten in de week mogelijk zijn. Een rustmoment op woensdag is overigens betrekkelijk. De woensdagmiddag bestaat vaak uit halen en brengen naar diverse activiteiten, partijtjes, spelen bij vriendjes en vriendinnetjes, etc. Dit wekt vaak juist onrust in de hand. Het wegnemen hiervan vormt voor scholen juist aanleiding om het vijf gelijke dagen model in te voeren. Wat zijn de mogelijkheden voor naschoolse activiteiten op school? Er zijn vele mogelijkheden voor naschoolse activiteiten op school, waarvan er al enkele zijn gerealiseerd. Op verkennend niveau worden gesprekken gevoerd met diverse partijen over het uitbreiden en actiever vormgeven van het aanbod en de mogelijkheden. Daarbij staat het belang van het kind voorop. Er zal zorgvuldig moeten worden gekeken naar evenwichtige dagarrangementen, die aansluiten bij behoeften en wensen, zaken moeten organisatorisch kloppen en op elkaar aansluiten, er mogen geen misverstanden zijn over aansprakelijkheden, er zal continuïteit moeten worden geboden, etc. De school doet dit in overleg en samenwerking met partners. Wat betekent het model ‘vijf gelijke schooldagen’ voor de sportverenigingen en de culturele instellingen? De BSO aanbieders zijn enthousiast over het model, want hun aanbod is natuurlijk uitstekend geschikt voor 5 gelijke dagen. Ze kunnen meer ondernemen en de kosten verdelen over vijf i.p.v. 3 dagen. Ook de wachtlijsten bij de BSO zullen opgelost worden als ouders meer gaan kiezen voor opvang op de woensdag en vrijdagmiddag. De werkgroep heeft contact gezocht met enkele BSO aanbieders, die veel kinderen van Bos en Vaart opvangen, waaronder met name enkele sportverenigingen en de muziekschool. Van de grote sportclubs hebben zowel HFC als Alliance aangegeven te willen praten over het nieuwe schooltijdenmodel. Tot zover gaan wij ervan uit dat deze clubs als voortrekker kunnen functioneren en andere clubs wellicht ook aansluiting kunnen/willen realiseren als alle openbare scholen van Haarlem overstappen op het vijf gelijke dagen model. De muziekschool (De Egelantier)is erg enthousiast en geeft aan snel met Bos en Vaart te kunnen en willen schakelen. Bovenschools, middels Spaarnesant, wordt er overleg gevoerd met de Stichting Sportsupport Haarlem en enkele culturele instellingen. De insteek is dat er vanaf september 2013 op de gewijzigde tijden wordt gereageerd. In hoeverre is het nodig dat alle scholen binnen het bestuur overgaan? Het meegaan van alle scholen in het model is niet nodig, maar wel wenselijk, omdat de organisaties die naschoolse activiteiten aanbieden hun aanbod aanpassen aan de vraag. Hierbij geldt: hoe groter de vraag, hoe meer mogelijkheden. Wat zijn de financiële consequenties voor de ouders? Er hebben gesprekken plaatsgevonden met Kinderopvang Haarlem (KOH) en met Op Stoom. De kosten voor kinderopvang en de wijze van berekening blijken afhankelijk van de aanbieder. Zo betaalt men nu bij Op Stoom per dagdeel, dus als je daar meer uren binnen een dagdeel gaat afnemen, zouden de kosten gelijk moeten blijven. KOH wordt bij meer afname duurder, omdat daar per uur wordt betaald (thans vaak 3 uur per dag). Bij een overstap naar 4 uur zullen de kosten dus toenemen. De Kinderopvang is onder de invloed van landelijke maatregelen zoals bezuinigingen en andere tijden sterk in beweging. Zo geldt bijvoorbeeld dat vanaf januari 2012 ouders alleen nog voor de werkelijk afgenomen uren een tegemoetkoming bij de belasting kunnen vragen. Een en ander leidt tot voortdurende aanpassingen in het pakket van diensten en de prijzen die ervoor worden gevraagd. Voor de meest recente informatie verwijzen wij naar de kinderopvang organisaties zelf. Wat is het verschil in belang tussen werkende en niet werkende ouders? Werkende ouders hebben belang bij goed functionerende kinderopvang en/of vrije tijd voorzieningen, die flexibel kunnen inspelen op verschillende behoeften, afhankelijk van hun werktijden en vrije tijd. Net als bij de meeste andere scholen is er op Bos en Vaart een toename van het aantal tweeverdieners en eenoudergezinnen. Niet werkende ouders hebben meer mogelijkheden om zelf kinderen na schooltijd op te vangen en zullen wellicht daarom minder behoefte aan andere tijden hebben. Hoe blijft de kwaliteit van de lunch gewaarborgd? We hechten op Bos en Vaart veel waarde aan een ruime lunchpauze, zodat kinderen voldoende tijd hebben om rustig te eten en te ontspannen. De kinderen in de bovenbouw hebben voor het eten doorgaans aan een kwartier genoeg. De rest van de tijd spelen zij spelletjes in de klas. In de onderbouw kost het eten over het algemeen wat meer tijd. In het vijf gelijke dagenmodel gaan onze gedachten uit naar een lunchpauze van drie kwartier. De onderbouw luncht een half uur en speelt het resterende kwartier buiten. De kinderen uit de bovenbouw eten een kwartier en spelen een half uur buiten. Een pauze van drie kwartier heeft tevens als voordeel dat kinderen die in de buurt van school wonen, alsnog de gelegenheid hebben om thuis te lunchen. Wat zijn de effecten van een kortere middagpauze? Er zijn scholen die een lunchpauze van een half uur hanteren. De ervaring is echter dat dit vrij kort is om los te komen uit de schoolsituatie en goed te ontspannen. Scholen die een lunchpauze van 45 minuten hanteren, zijn hier doorgaans tevreden over. Het biedt kinderen voldoende gelegenheid om rustig te eten en te ontspannen. Waarom hebben de school en het bestuur zo’n haast met de invoering van het model? Het bestuur neemt ruim de tijd. De directeuren hebben voor het eerst hierover gesproken in het najaar van 2010. Bos en Vaart heeft in het voorjaar van 2011 een werkgroep Andere tijden ingesteld. De werkgroep organiseert op verzoek van de MZR, de OR en de directie een zorgvuldig traject van informatie, meningsvorming en ouderraadpleging, alvorens de MZR in mei 2012 een beslissing gaat nemen. De eventuele invoering vindt plaats op 1 augustus 2013. Er is dan nog een jaar voor praktische voorbereiding en overgangsmaatregelen. terug naar het begin van 'Andere Tijden' |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Gaat de Bos en Vaartschool op weg naar andere schooltijden?
Haarlem, 13 juli 2011 Beste ouders, Als je de berichtgeving in het nieuws volgt, dan lijkt het er steeds meer op dat de vrije woensdagmiddag van de basisschool zijn langste tijd heeft gehad. Steeds meer scholen passen de spreiding van de lestijden over de week aan, of denken daar serieus over na. De redenen daarvoor zijn gelegen in allerlei veranderingen in de maatschappij, waar het onderwijs op moet inspelen. Van de ongeveer zevenduizend basisscholen in Nederland hebben er duizend het afgelopen jaar de schooltijden aangepast. Een groeiend aantal scholen overweegt over te stappen op het 'vijf-gelijke-dagen-model'. Daarbij verdwijnt de vaste vrije woensdagmiddag in ruil voor vijf gelijke schooldagen van ongeveer half negen tot twee uur of half drie ‘s middags. Ook het bestuur van de Bos en Vaartschool, de Stichting Spaarnesant, overweegt om per september 2013 over te stappen naar dit ‘vijf-gelijke-dagen-model’. Dit roept natuurlijk vragen op bij alle betrokkenen van de school:
Een besluit over de invoering van andere schooltijden moet zorgvuldig worden genomen. Inmiddels is er op de school een werkgroep ‘Andere tijden’ geformeerd die hiervoor een traject heeft uitgezet. De werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers vanuit de ouderraad, de medezeggenschapsraad, het schoolteam en de directie van de Bos en Vaartschool. Het traject moet ertoe leiden dat de MZR in mei 2012 een weloverwogen besluit kan nemen. In eerste instantie wil de werkgroep de ouders en leerkrachten informeren. Je kunt immers pas je mening geven als je antwoord hebt gekregen op alle vragen die er leven. De werkgroep ‘Andere tijden’ nodigt daarom alle ouders en leerkrachten van de Bos en vaartschool uit op de informatie avond van donderdag 29 september 2011. Locatie en tijdstip van aanvang hoort u nog van ons, maar deze datum kunt u vast in de agenda noteren. Tijdens de avond zal o.a. een landelijke deskundige nader op achtergronden en ontwikkelingen met betrekking tot veranderende schooltijden ingaan. De werkgroep zal het verdere traject naar besluitvorming nader toelichten. Indien u nu al vragen heeft kunt u deze sturen naar schooltijden@bosenvaart.nl. Vanaf 15 juli openen wij een extra link op www.bosenvaart.nl met zoveel mogelijk informatie over andere schooltijden. Met vriendelijke groet, Werkgroep ‘Andere tijden’ Bos en Vaartschool terug naar het begin van 'Andere Tijden' |
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |